Vroegbloeiende crocus


Crocus chrysanthus ‘Romance’ de Buitenkamer Tuinontwerp Gassel Marion Vermeulen

Winterbloeiers

Als de temperatuur stijgt en de zon gaat schijnen, reageert de natuur direct. Vogels gaan zingen, winterbloeiers gaan open en insecten gaan op zoek naar nectar en stuifmeel. Vooral voor de vroege insecten zoals hommels en honingbijen is dit belangrijk. Daarom heb ik veel winterbloeiers in de tuin staan, niet alleen bloembollen maar ook vroegbloeiende vaste planten, heesters en bomen.

Vroeg, vroeger, vroegst

Als we aan bloembollen denken dan zien we vaak tulpen, narcissen en hyacinten voor ons. Deze worden dan ook het meest verkocht. Ze vallen op door hun grootte en soms felle kleuren. Mijn voorkeur gaat uit naar het ‘bijgoed’, dat zijn de stinzenbollen, verwilderingsbollen, botanische- en inheemse bloembollen. In deze categorieën vind je veel vroegbloeiende soorten. Een van deze juweeltjes is de Crocus chrysanthus ‘Romance’, dit jaar bloeiend op 2! februari. Crocus chrysanthus is een sierlijke kleine zachtgele crocus met een wit-gele buitenzijde, een prachtige combinatie.

Verdwaald

Op de foto zie je een verdwaald lieveheersbeestje, deze carnivoor komt niet voor het stuifmeel of de nectar. In de bloem heerst een microklimaatje, waarschijnlijk geniet dit nuttige kevertje van de warmte en beschutting. Als hij/zij het warm genoeg vindt, start de jacht op bladluizen. Ze kunnen mij niet vroeg genoeg beginnen;)

Voorzaaien

voorzaaien, voorjaar

Bijna voorjaar

Het voorjaar is al  in zicht, de dagen worden langer en de zon heeft meer kracht. De natuur bereid zich voor op de lente. En dat moeten wij nu ook doen, tenminste als je zelf bloemen, kruiden of groenten wilt kweken. Van zaadje naar volwassen plant; ik vind het nog steeds een wonder. Je stopt een onooglijk klein zaadje in de grond en door alle energie – uit aarde, water en zonlicht – groeit dit zaadje uit tot een volwassen plant. Het is extra waardevol als je eetbare planten gaat voorzaaien. Je begint met een zaadje en uiteindelijk ligt je zelfgekweekte groente op je bord.

 

Oogsten

Je kunt nog niet alles voorzaaien, maar voor pepers, paprika’s en aubergines breekt nu de tijd aan. Deze planten doen er namelijk lang over om oogstbare vruchten te geven. Als je te lang wacht met zaaien dan worden, in ons klimaat, de dagen alweer te kort om te kunnen oogsten.
Voorzaaien doe je in bakjes, potjes of zaaitrays. Zelf geef ik de voorkeur aan gebruikte bakjes waar druiven in zitten als je ze koopt bij de groenteboer. Ze zijn stevig, hebben een deksel én ik hou van hergebruiken. Vul ze met zaai/stekgrond en zet ze op een dienblad of iets dergelijks want er zitten gaatjes in de onderkant. Zaai niet te diep, een halve centimeter diep is prima. Zet de bakjes op een warme vensterbank in de zon, de zaden hebben 20-25 graden nodig om te ontkiemen. Zorg dat de bakjes niet uitdrogen, dus af en toe even besproeien met een plantenspuit. Het kan een paar weken duren voordat de zaden ontkiemen. Laat de zaailingen groeien totdat ze in totaal 4 blaadjes hebben; nu kan je ze gaan verspenen. Ze hebben nu meer voeding en ruimte nodig om goed te kunnen groeien. De grootste en stevigste zaailingen zullen ook de sterkste planten worden. Deze selecteer je en verplant je in een potje (ongeveer 10 cm.) met potgrond. Nu kunnen ze verder groeien totdat ze half mei naar buiten kunnen. Waarschijnlijk moet je ze tussendoor nog een keer verplanten in een grotere pot. Ze houden van veel zonlicht maar zorg en wel voor dat ze niet te warm (woonkamer) staan, dan worden het namelijk van die dunne slappe planten. Een beetje experimenteren dus en bekijken wat de beste plek is.

 

Zaden

Er zijn verschillende manieren om aan zaad te komen. Je kan van een paprika of peper die je in een gerecht gebruikt de zaden bewaren. Dit zijn meestal de algemene soorten, wil je iets bijzonders kijk dan eens op de webshops van de Bolster of Nanotuin. Probeer eens tomaat ‘Green Zebra’ (inderdaad met groene strepen!) of mini aubergines ‘Slim Jim’.

 

Bloesem in huis

Tijd voor kleur

Buiten is het nog kaal en grijs, dus tijd om bloesem, zoals bijvoorbeeld de Japanse kwee in huis te zetten. De bloemen vallen extra op omdat het blad pas later aan de struik komt. Meestal zie je de rode of oranje variëteit in tuinen staan. Deze mooie roze is waarschijnlijk ‘Pink Lady’ en op een speciale manier gekweekt zodat er lange takken ontstaan. In de tuin groeien ze vaak wat gedrongen, hierdoor krijg je mooie karaktervolle vormen.
Heb je Japanse kwee in de tuin? Knip dan een paar takken af en neem ze mee naar binnen. Zet een schone vaas klaar met handwarm water en daarin opgelost wat suiker. Snij nu de takken schuin af met een scherp mes, probeer het snijvlak zo schuin mogelijk te maken zodat de takken veel water op kunnen nemen, hierdoor komt de bloesem mooi open.

Welke kwee?

Nog geen sierkwee in de tuin? Misschien heb je wel ergens een plekje over. Je kan er een kale muur mee bedekken of een haag van maken, de struiken worden ongeveer 1 meter hoog. Dan kan je in de herfst genieten van de vruchten, klein en rond. Ze staan prachtig op een mooie schaal in huis maar ze zijn ook eetbaar, je kan er jam of gelei van maken. Ook de bloemblaadjes kan je gebruiken, bijvoorbeeld in een salade, thee of kruidenboter. Bijen, vlinders en andere nuttige insecten worden er blij van. Zo’n plant wil toch iedereen? Mooie bloesem, eetbaar en goed voor de biodiversiteit!
De Japanse of sierkwee is iets heel anders dan een kweepeer of kwee-appel. De namen worden vaak door elkaar gehusseld, dus ga je zo’n mooi struikje aanschaffen gebruik dan de Latijnse naam, Chaenomeles. Later meer over de echte kweepeer/appel, ook een echte aanwinst😉

Zaden oogsten uit eigen tuin

Grote Kaardebol Dipsacus Zaden oogsten uit eigen tuin inheemse  flora

Het wordt tijd om zaden te oogsten. Het kost weinig tijd en het levert je veel op; namelijk volgend jaar opnieuw genieten van geur en kleur. Veel planten hebben een enorme groeikracht. Vanuit zo’n klein zaadje, in een seizoen, groeien naar een volwassen plant. Tenminste, dat geldt voor de eenjarigen. Zij moeten wel tot volle wasdom komen, anders kunnen ze geen nakomelingen produceren. Tweejarigen, vaste planten en houtachtige gewassen doen er langer over. Pluk de zaden alleen als ze echt rijp zijn, vaak zijn ze dan donker gekleurd. Als ze rijp zijn komen ze los uit het omhulsel, dát is het juiste tijdstip! Wacht dan niet te lang anders zijn ze al meegenomen door de wind of op de grond gevallen. Pluk het liefst bij droog weer, je kunt de losse zaden plukken maar ook de hele zaadbol, dat gaat vaak veel makkelijker. Doe ze in een papieren boterhamzakje en vergeet niet de naam te noteren. Laat het zakje een paar dagen staan zodat de zaden goed kunnen nadrogen. Maak het zakje nog niet dicht. Als de zaden goed gedroogd zijn kan je het boterhamzakje dichtmaken en opbergen in een goed afsluitbare emmer of trommel. Donker, koel en droog bewaren geeft de meeste kans op succes volgend jaar.
Op de foto zie je een zaadhoofdje van Dipsacus fullonum, Grote Kaardebol. Onderin het zakje zie je de zaadjes die eruit gevallen zijn. Deze tweejarige plant trekt veel insecten aan, onder andere honingbijen, hommels en vlinders. Met een exemplaar heb je al een nectarrestaurant. Daarnaast heeft de kaardebol een mooi wintersilhouet en komen in de herfst en winter veel vogels op de zaden af, voornamelijk de groenling en het puttertje. Het puttertje wordt ook wel distelvink genoemd, vraag me niet waarom;)
Grote Kaardebol, bijenplant, insectenplant, nectar, inheems,Dipsacus

Verbena trekt veel vlinders aan

Koninginnepage

Aaibare insecten op Verbena

Verbena bonariensis trekt veel vlinders aan, dit zijn ongetwijfeld de mooiste insecten in de tuin. Ze zijn kleurig en dwarrelen sierlijk in het rond. Ik heb nog nooit gehoord dat iemand een hekel heeft aan vlinders, sterker nog; bijna iedereen wil vlinders in zijn tuin. Daarom is de vlinderstruik , Buddleia  zo populair, hij doet zijn naam eer aan en trekt heel veel vlinders aan. Een plant die minstens zoveel vlinders aantrekt is de Verbena bonariensis.

Zuidelijke gasten

Allerlei soorten vlinders én andere insecten zijn dol op de nectar van deze plant. Sinds ongeveer 2 weken is het dringen geblazen. Er vliegen niet alleen heel veel ‘gewone’ vlinders rond de Verbena maar ook de kolibrievlinder is een dagelijkse gast. Onvermoeibaar vliegt dit bijzondere vlindertje van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. Hij doet zijn naam eer aan, het is net een kleine kolibrie. Met zijn dikke lijfje en compacte vleugels vliegt hij pijlsnel van bloem tot bloem.
Gisteren kregen we bezoek van de koninginnepage, met recht een koningin. Een bijna on-Nederlandse grote vlinder die makkelijk grote afstanden kan afleggen, ze komen voornamelijk voor in zuidelijke streken. Door de warme zomers worden ze de laatste jaren steeds vaker waargenomen.

Dagpauwoog

 

Slanke Verbena

Ben je dol op vlinders en zoek je een makkelijke langbloeiende plant? Zet deze slanke dame dan in je tuin, vanaf juni totdat de vorst invalt kan je genieten van de lila-paarse bloemen. Omdat de Verbena weinig ruimte inneemt past hij/zij in iedere tuin. Hij wordt ingedeeld bij de tweejarigen, maar soms staat hij langer op dezelfde plek. Ieder voorjaar komen er rondom de plant tientallen zaailingen op, hierdoor ben je verzekerd van nieuwe, jonge planten. De zaailingen laten zich op plekken waar je ze niet wilt, makkelijk verwijderen.
Ook op een balkon doet de Verbena het prima want de hoge bloemstengels wuiven prachtig op de wind. Er is overigens ook een miniuitvoering, namelijk de Verbena ‘Lollipop’, een compacte variatie. Zelf vind ik hem ziet zo geslaagd; juist de hoge slanke stengels maken van de verbena een unieke verschijning.

Waardplanten zijn onmisbaar in de levende tuin

Vlinders hebben ook waardplanten nodig, dit zijn namelijk planten waar de vlinders de eitjes op afzetten en waar de rupsen van eten. Voor koninginnepages zijn dat schermbloemigen zoals wortel, dille of wilde peen, heel specifiek dus. Veel vlinders zijn niet zo kieskeurig en zijn erg blij met brandnetels. Heb je nog ergens een hoekje over? Zet daar dan eens een brandnetel neer, hiermee doe je nog meer voor de levende tuin!

Snelle salvia

Salvia’s zijn onmisbaar in de tuin

Omdat er zoveel soorten salvia’s zijn, is er altijd wel een die geschikt is voor jouw tuin. De meest bekende is natuurlijk de Salvia nemorosa ‘Ostfriesland’, deze wordt al vele jaren gekweekt. Je ziet de ‘Ostfriesland’ in veel tuinen, gemeenteplantsoenen en bedrijfstuinen. Salvia ’s komen in ieder werelddeel voor, waardoor de eisen van de verschillende soorten ook erg variëren. Er zijn winterharde soorten die wel 20 graden vorst verdragen tot vorstgevoelige soorten die je ’s winters binnen moet overwinteren.

Snelle groeier

De soort waar ik je enthousiast voor wil maken is de Salvia guaranitica, een groep salvia’s die je niet zoveel ziet. De reden daarvoor is dat hij eigenlijk niet winterhard is, maar in de praktijk blijkt dat hij meer vorst kan verdragen dan je verwacht. Daarnaast zijn de laatste winters niet meer zo koud. De Salvia guaranitica ‘Black and Blue’ is mijn absolute favoriet. De knoppen hangen eerst sierlijk omlaag en groeien in een paar dagen uit tot een groen-zwarte aar, zelfs de steel is zwart. Als de bloemen uitkomen is de verrassing compleet, prachtige paarse bloemen die bijna licht geven. Nadat de bloemen zijn afgevallen blijft de zwarte bloemstengel nog een tijdje intact. Ook mooi te gebruiken in een boeket. Na een aantal jaren kan deze Salvia wel 150 cm. worden, een flinke groeier dus.
Om te zorgen dat de Salvia guaranitica de winter doorkomt, kan je hem het beste 10 centimeter dieper planten dan gebruikelijk, hierdoor is hij beter beschermd tegen de kou. Neem in augustus ook altijd wat stekken die je binnen op een lichte plaats laat overwinteren, dan ben je er zeker van dat je de salvia niet kwijtraakt.

Voordeur of achterdeur?

De salvia is een echte insectenplant en daarom een waardevolle toevoeging aan de levende tuin. Ik ben er eens bij gaan zitten om te bekijken welke insecten op deze salvia vliegen. Het zijn voornamelijk hommels, wilde bijen en honingbijen. Sommige soorten hebben niet zo’n lange tong en spelen daarom een beetje vals. Ze bijten een gaatje aan de zijkant van de kroonbuis om zo bij de nectar te komen. In feite stelen ze de nectar, want bestuiving is natuurlijk gewoon ruilhandel. Het insect komt voor de nectar maar moet eerst langs de stuifmeeldraden, waardoor de plant bestoven wordt. In dit geval neemt de hommel de achterdeur en is alleen uit op de nectar. Op de foto is dit goed te zien, het grappige is dat ieder soort een andere werkwijze heeft. De meeste insecten landen op de bloem, maar dit kleine hommelsoortje hangt ondersteboven onder de bloem.
Op dit moment is de salvia ook de favoriet van de kolibrievlinder. Je kent hem vast, hij vliegt pijlsnel en hangt als een kolibrie vóór de bloem zonder deze aan te raken. Omdat deze vlinder een lange tong heeft, neemt hij wél de voordeur.

Onkruid, ja of nee?

onkruid, inheemse planten, de buitenkamer tuinontwerp, Marion Vermeulen, de Buitenkamer, Gassel
Onkruid, what’s in a name?

Ons huis heeft zeven tot acht jaar te koop gestaan voordat wij het hebben gekocht. Zowel binnen als buiten laat dat zijn sporen na; ontbrekende goten, lekkages, verwilderde struiken en héél véél onkruid. Vooral wortelonkruid, daar word je niet blij van. Wortelonkruiden zijn onder andere zevenblad, kweekgras, heermoes en kruipende boterbloem. Als je deze planten niet verwijdert voordat je gaat aanplanten, dan krijg je ze nooit meer weg en zullen ze door je nieuwe planten heen groeien.

Niet frezen

Omdat ik geen bestrijdingsmiddelen gebruik (de levende tuin!) hebben we alles machinaal én handmatig verwijderd. Eerst zijn alle overbodige planten eruit gehaald. Daarna is het ‘gazon’ met een zodesnijder verwijderd en afgevoerd. Als laatste hebben we de grond laten schudden, hierdoor beroer je de grond zo min mogelijk en komen tegelijkertijd de wortels van het onkruid los te liggen zonder dat je ze in hele kleine stukjes hakt. Ieder klein deeltje van de wortels kan namelijk weer een volwaardige plant worden. Daarom is frezen bij wortelonkruiden ook uit den boze, je verwijdert het onkruid dan namelijk niet, maar je zorgt ervoor dat het zich kan vermeerderen. Na het losschudden hebben we de grond regelmatig geharkt om alle losse wortels te verwijderen. Kilo’s hebben we eraf gehaald! Na een aantal maanden kwam er geen wortelonkruid meer boven, zelfs geen klein sprietje.

 

Inheemse flora

Natuurlijk zaten er ook heel veel onkruidzaden in de grond, deze zijn makkelijk weg te schoffelen. Tenminste als je dat wilt, want is dit eigenlijk wel onkruid? Onkruid is beplanting die je op een bepaalde plek niet wilt hebben. Maar wat wij ‘onkruid’ noemen zijn natuurlijk gewoon inheemse planten, die van belang zijn voor de biodiversiteit. Daarom heb ik veel van de zaadonkruiden laten kiemen en in kratten bewaard om later uit te planten op een andere plek. Veel insecten zijn voor nectar en stuifmeel afhankelijk van inheemse flora. Hoe meer insecten, hoe meer voedsel voor vogels, vleermuizen, kikkers etc. Alles past als een puzzel in elkaar en vormt samen een levende tuin.

Tuinvogeltelling | Tuintip voor het weekend

Tuinvogeltelling de Buitenkamer tuinontwerp Marion Vermeulen Gassel

Nieuwe hobby

Sinds 2001 wordt de Nationale Tuinvogeltelling georganiseerd door Vogelbescherming Nederland en Sovon Vogelonderzoek Nederland. Sindsdien is er veel meer informatie over wintervogels beschikbaar, waardoor veel vogels beter beschermd worden.

Sinds de coronaperiode zijn veel mensen zich meer bewust van de eigen leefomgeving en is vogels kijken een nieuwe hobby geworden. Niets is zo leuk als bijhouden welke vogels er in je tuin komen. De Vogelbescherming biedt daarom sinds kort gratis online cursussen aan om ook de meer bijzondere soorten te kunnen herkennen.

Tel ook mee

Dit weekend is de Nationale Tuinvogeltelling, je telt één keer een half uur de vogels in je tuin of balkon. Het gaat niet om het signaleren van bijzondere soorten, de telling is een momentopname van de aantallen vogels die in de winter in Nederlandse tuinen aanwezig zijn. Je kunt op de site van de Vogelbescherming een tellijst downloaden of direct doorgeven via de app mijntuinvogeltelling.nl

Top 5

Op dit moment zijn er al 33.323 huismussen geteld en 12.442 merels. Daar ben ik persoonlijk heel blij mee want met deze vogels ging het lange tijd niet zo goed. De mus en de merel zijn voor mijn gevoel de vogels die altijd een beetje ‘in de buurt rondhangen’, op zoek naar de kruimels die je achterlaat. Bij vogels kijken gaat het niet altijd om de bijzondere soorten die je ziet, als is dat wél erg leuk, maar door gedrag te observeren kan je soms zelfs individuen leren kennen.

1 Huismus

2 Koolmees

3 Pimpelmees

4 Kauw

5 Merel

Doen!

Heb je dit weekend een half uurtje de tijd? Ga er dan eens voor zitten. Vroeg in de ochtend zijn vogels op zoek naar voedsel en dus het meest actief.

 

 

Sneeuwklokjes kondigen de lente aan

de Buitenkamer tuinontwerp, Grave, sneeuwklokje

Voorbij de donkere dagen

Na de donkere decemberdagen is de komst van de lente onmiskenbaar, het duurt nog wel even, maar als je goed kijkt zie je de eerste tekenen al. De vogels laten weer van zich horen, vanmorgen hoorde ik, nog in de schemering, een roodborstje zingen. Ook beginnen de eerste bloembollen te bloeien, sneeuwklokjes en winterakonietjes zijn de vroegst bloeiende bollen.

Stinzenplanten, klein maar fijn

Deze bloembollen behoren tot de stinzenplanten, dit is een groep planten die sinds eeuwen werd aangeplant bij kastelen, buitenplaatsen en oude boerderijen. Deze planten zijn de eerste ingevoerde tuinplanten en waren alleen beschikbaar voor de rijken die een stenen huis (stins) bezaten. Tot voor enkele jaren geleden werd er nauwelijks aandacht aan besteed terwijl ze cultuurhistorisch van belang zijn. Inmiddels wordt de waarde van stinzenbollen ingezien en worden ze op veel landgoederen opnieuw geplant en zijn ze weer in grote getalen te zien. De tuinen van kasteel Hackfort in Vorden zijn een goed voorbeeld.

Vroege bloei is belangrijk

Bloembollen, vooral de vroege soorten zoals sneeuwklokjes, zijn onmisbaar in een levende tuin. Ze zorgen in een bijna bloemloze periode voor voldoende nectar en stuifmeel voor vroege bijen en hommels. De insecten zorgen tegelijkertijd voor bestuiving waardoor deze bloembollen zich door middel van zaad kunnen vermeerderen, hierdoor ontstaat in de loop der jaren een prachtig tapijt.

Meer en meer

Sneeuwklokjes vermeerderen zich niet alleen door zaad maar ook ondergronds. Elke ‘grote’ bol maakt meerdere kleintjes waardoor je uiteindelijk een grote klomp met bolletjes krijgt. Om sneller een mooi tapijtje te krijgen kan je de bolletjes opnemen en weer uitplanten. Bij sneeuwklokjes noem je dat ‘in the green’ verplanten. Wacht met verplanten tot ze uitgebloeid zijn maar laat het groen niet afsterven, het blad moet dus nog groen zijn. Graaf ze op, en verdeel de bolletjes over de plek waar je ze hebben wil en plant ze daar weer uit. Een schaduwrijke plek is ideaal, met het liefst zon tijdens de bloei. Onder bomen of struiken zullen ze het goed doen en je belonen met prachtige klokjes.

Blue monday

Blue monday

Blue Monday

Ooit bedacht door een PR-bureau, inmiddels omarmd door alle media. Blue Monday zou de meest deprimerende dag van het jaar zijn. Ondanks dat ieder wetenschappelijk bewijs ontbreekt, besteedt vrijwel iedere krant er vandaag aandacht aan. Het lijkt onzin, maar dat is het toch niet helemaal. Iedereen heeft wel eens een dag of periode dat je je niet prettig voelt; somber, lusteloos of moe. Al is dat dus niet de tweede of derde maandag van januari.

Blue sky

Laat je niet beïnvloeden door ‘Blue Monday’, zet fijne muziek op, ga wandelen of laat je inspireren door de mooie dingen om je heen. In deze tijd van het jaar worden de dagen langer en begint de natuur heel langzaam te ontwaken. Als de zon schijnt voel je de kracht ervan en kan je in een windvrij hoekje al in de zon zitten. Wel met een jas aan natuurlijk. Dit is ook de tijd om je voor te bereiden op het nieuwe tuinseizoen. Wat ga je zaaien, in potten zetten of op een vrijgekomen plek in de tuin planten?

Blue poppy

Denk dan eens aan iets bijzonders. Een van de mooiste blauwe bloemen ter wereld is de Meconopsis betonicifolia, de blauwe papaver. Dat heeft te maken met het feit dat er maar weinig écht blauwe bloemen zijn. De meesten zijn lila of paars en niet echt blauw. Daarnaast is het een plant die nogal wat eisen stelt en niet snel tevreden is, dat maakt hem natuurlijk nog begerenswaardiger. Het is geen allemansvriend die het overal doet. Meconopsis heeft graag een humusrijke, koele licht beschaduwde plaats en niet te warme zomers. De papaver leeft niet zo lang en gedraagt zich als een tweejarige plant. Het is een uitdaging om de blauwe papaver eens te proberen, je kan hem als plant kopen of zaaien. Voorzaaien is de ultieme uitdaging!